European Court of Justice’s Landmark Decision on the Resale of E-Books

Posted in Copyright, Court of Justice of the European Union (CJEU), GT Alert, intellectual property, Intellectual Property Litigation

The European Court of Justice (ECJ) issued a landmark decision on Dec. 19, 2019, that effectively restricts the resale of legally purchased e-books. The case involved the Dutch company Tom Kabinet and the Dutch Publishers Society (Nederlands Uitgeversverbond). Tom Kabinet offered second hand e-books for sale through a “Book Club.” The e-books were either purchased by Tom Kabinet or donated by members of the club. Members who donated e-books provided a download link together with a statement that the donor had not previously made a copy of the e-book.

Read the full GT Alert, which summarizes the ECJ’s decision.

LIBOR Transition Newsletter – Issue 2

Posted in GT Alert, LIBOR

Welcome to the second issue of Greenberg Traurig’s LIBOR Transition Newsletter, which contains updates, analysis, and commentary on the latest developments relating to the highly anticipated phasing-out of LIBOR at the end of 2021 – barely two years from now. This issue covers the following:

  • LSTA – Concept SOFR Credit Agreement
  • Recent Developments
  • Parting Shot – What if Someone Finds the Proposed LIBOR Replacement Fallback Language “Too Long”?

Read the full LIBOR Transition newsletter – Issue 2.

EU Sanctions: European Commission President Pushes for Greater Resilience, Proper Enforcement

Posted in Brexit, EU, European Union Law, GT Alert

Ursula von der Leyen, the new president of the European Commission, has called for ‘new proposals to ensure Europe is more resilient to extraterritorial sanctions by third countries and to ensure that the sanctions imposed by the EU are properly enforced…throughout its financial system.’ See September 2019 Mission Letter from President von der Leyen to Valdis Dombrovskis, Executive Vice-President responsible for the Directorate-General for Financial Stability, Financial Services and Capital Markets Union (FISMA). A portfolio-allocation document published early December 2019 confirms that responsibility for sanctions has formally been moved from the EU’s Foreign Policy Instrument Service (FPI) to FISMA.

FISMA’s work includes:

  1. Presenting new policy initiatives to ensure that financial markets are well-regulated and supervised;
  2. Monitoring financial-sector developments and structures in the Member States and ensuring satisfactory implementation of EU legislation at the national level; and
  3. Working closely with international partners to promote consistent regulation and the implementation of agreed standards and principles around the world.

Click here to read the full GT Alert.

UK Election Results: Brexit, but in What Form?

Posted in Brexit, EU, GT Alert

The substantial gains made by the ruling UK Conservative Party in the general election on 12 December 2019 mean that, barring the unexpected, the UK will leave the EU on 31 January 2020.

The Conservative government now has sufficient majority to drive parliamentary approval of the draft withdrawal agreement renegotiated with the EU by UK Prime Minister Boris Johnson in October 2019. Mr Johnson campaigned in the run-up to the election for a mandate to “get Brexit done”.

Getting Brexit done is, however, only the first step in the process of redefining the UK’s new relationship with the EU.

To read more about how Brexit could take form, click here to read the full GT Alert.

Amsterdam’s Outsourcing Team Authors 2019 Netherlands Outsourcing Practice Guide for Chambers Global

Posted in Corporate Law, English Language

Greenberg Traurig, LLP Amsterdam Shareholders Herald JongenThomas Timmermans, and associates Laurens Timmer and Eduard Stein, have authored the Netherlands Law & Practice chapter in the 2019 Chambers Global Practice Guide on Outsourcing.

The Outsourcing Guide offers an analysis of the key market developments in outsourcing in the Netherlands, as well as an overview of the outsourcing regulatory and legal environment. Additional sections cover contract models, contract terms, and HR and asset transfer issues.

Chambers’ Global Practice Guides provide legal commentary on key issues for businesses and discuss important developments in the most significant jurisdictions. For each guide, Chambers and Partners selects contributing editors who are ranked in the relevant Chambers guides as among the best in their field.

To read the full chapter, click here (reprinted with permission from Chambers Global).

De redelijke termijn voor nakoming

Posted in contracts, litigation

In zijn arrest van 11 oktober 2019 (ECLI:NL:HR:2019:1581) heeft de Hoge Raad zich uitgelaten over de redelijke termijn die bij een ingebrekestelling aan een niet-presterende contractspartij moet worden gegund om nog correct na te komen. Ook gaat de Hoge Raad in op de gevallen waarin verzuim zonder ingebrekestelling kan intreden. Dit arrest is van groot belang voor contractspartijen die zich geconfronteerd zien met een wederpartij die haar verplichtingen niet nakomt.

Het uitgangspunt van artikel 6:265 BW is dat een tekortkoming van voldoende gewicht een contractuele wederpartij het recht geeft op (gehele of gedeeltelijke) ontbinding van de overeenkomst.[1] Op grond van art. 6:265 lid 2 BW ontstaat de bevoegdheid tot ontbinding, als de nakoming niet blijvend of tijdelijk onmogelijk is, pas als de schuldenaar in verzuim is. Als voor de nakoming geen termijn is gesteld, treedt verzuim pas in nadat de schuldenaar bij schriftelijke aanmaning in gebreke is gesteld, waarbij een redelijke termijn voor nakoming is gegeven, en nakoming binnen deze termijn uitblijft.

Ingebrekestelling

In deze zaak is tussen een hoofdaannemer (Fraanje) en een onderaannemer (Alukon) gedurende een periode van enkele maanden gecorrespondeerd, waarbij door Fraanje meermalen is geklaagd over niet-tijdige en kwalitatief ondeugdelijke prestaties van Alukon. Uiteindelijk ontbindt Fraanje de overeenkomst. Het gerechtshof oordeelde dat de door Fraanje gestelde termijnen voor nakoming onredelijk kort waren, waardoor Alukon niet in verzuim verkeerde en de overeenkomst niet ontbonden kon worden. De Hoge Raad vernietigt dit arrest van het gerechtshof en legt het leerstuk uit.

De functie van de ingebrekestelling is om de schuldenaar nog een laatste termijn voor nakoming te geven. De lengte van de termijn voor nakoming die aan de schuldenaar moet worden gegeven is afhankelijk van de omstandigheden van het geval. Een relevante omstandigheid die moet worden meegewogen is de tijd die de schuldenaar vóór de aanmaning heeft gehad om zich voor te bereiden. De Hoge Raad merkt op dat het een schuldenaar in de meeste gevallen niet vrij staat om te wachten met het verrichten van voorbereidende handelingen tot hij (formeel) aangemaand wordt. Dit betekent dat termijnen die eerder zijn gesteld en eventuele eerdere sommaties van belang kunnen zijn bij de beoordeling van de redelijkheid van de in de aanmaning genoemde termijn. Als eerder termijnen zijn gesteld of een sommatie is verstuurd, kan de termijn die bij de finale ingebrekestelling is gegeven verkort worden, waarna de schuldenaar in verzuim geraakt.

Verzuim zonder ingebrekestelling

Verzuim kan daarnaast ook zonder ingebrekestelling intreden. De in art. 6:83 BW genoemde gevallen betreft geen limitatieve opsomming. In sommige gevallen kan, mede in verband met de hanteerbaarheid in de praktijk van het wettelijk stelsel, een beroep op het ontbreken van een ingebrekestelling naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar zijn of kan worden aangenomen dat op grond van de redelijkheid en billijkheid een ingebrekestelling achterwege kan blijven en de schuldenaar zonder ingebrekestelling in verzuim is geraakt, aldus de Hoge Raad.

Zo kunnen de omstandigheden meebrengen dat verzuim intreedt als de schuldenaar niet of niet toereikend reageert op een verzoek van de schuldeiser om binnen een redelijke termijn te bevestigen dat hij zal gaan nakomen. De eisen die daarbij aan de reactie van de schuldeiser mogen worden gesteld, zijn eveneens afhankelijk van de omstandigheden. Daarbij is volgens de Hoge Raad onder meer van belang hoe concreet de schuldeiser de te herstellen gebreken heeft aangeduid en hoe specifiek hij heeft aangedrongen op een mededeling van de schuldenaar. Bij de beoordeling of de schuldeiser uit de reactie of de opstelling van de schuldenaar heeft mogen afleiden dat de schuldenaar niet of niet tijdig zou nakomen, kunnen ook latere feiten en omstandigheden van belang zijn.

Conclusie

De Hoge Raad lijkt met dit arrest de trend van deformalisering door te zetten en een meer praktische benadering te kiezen.[2] Dit laatste kennelijk vanuit de gedachte dat partijen in de praktijk meestal handelen zonder gedetailleerde kennis van de wet, en niet onredelijk gehinderd zouden moeten worden door een (te) rigide wettelijk systeem. Dit geeft de feitenrechters meer handvaten om, afhankelijk van de omstandigheden van een geval, tot een redelijke uitkomst te komen. Daar staat wel tegenover dat dit ten koste kan gaan van de rechtszekerheid die een strikte interpretatie van de wet met zich brengt.

[1]       In zijn arrest van 28 september 2018 (ECLI:NL:HR:2018:1810) heeft de Hoge Raad verduidelijkt dat alleen een tekortkoming van voldoende gewicht, en niet elke tekortkoming, recht geeft op ontbinding op grond van art. 6:265 BW.

[2]       Zie in dit kader ook Hoge Raad 4 oktober 2019 (ECLI:NL:HR:2019:1489) over verjaring.

LIBOR Transition Newsletter – Issue 1

Posted in English Language, GT Alert, LIBOR

Welcome to Greenberg Traurig’s LIBOR Transition Newsletter, where we provide updates, analysis, and occasional commentary on the latest developments relating to the highly anticipated phasing-out of LIBOR at the end of 2021 – barely two years from now. Questions addressed in this issue: Why is LIBOR being phased out? What will be the immediate effect? Where are we now? Are market participants ready for LIBOR replacement? What should market participants be doing now? Documentation and Other Recent Developments.

Click here for the full LIBOR Transition Newsletter.

Greenberg Traurig Amsterdam advises InterXion on its USD 8.4 Billion Combination with Digital Realty

Posted in Firm News

The Amsterdam office of global law firm Greenberg Traurig, LLP represented InterXion (NYSE: INXN), a leading European provider of cloud- and carrier-neutral colocation data center services, in a business combination with Digital Realty (NYSE: DLR). The transaction values InterXion at approximately USD 93.48 per share or USD 8.4 billion of total enterprise value in an all-stock deal, based on Digital Realty’s closing price on Monday.

This strategic transaction is the largest in the history of the data center industry and will position the combined company as a leading global provider of data center solutions with enhanced presence in major European metropolitan areas.  Completion of the transaction is subject to customary closing conditions, including approval by shareholders of InterXion and Digital Realty.

Read more about the deal here or on TheDeal.com (subscription required).

Employment and Pension Law Update 2019: The Netherlands

Posted in governing law, GT Alert, Labor & Employment, pensions

This GT Alert provides an update on employment and pension law in the Netherlands for 2019. Topics covered include diversity in boards of larger companies; the Balanced Labour Market Act (Wab), effective 1 January 2020; amendments to restructuring rules applied by the Employee Insurance Agency (UWV), effective 1 October 2019; Dutch pension system reforms; and Pending acts and regulations, including Transfer of Undertaking in Bankruptcy Act (Wet overgang van onderneming in faillissement), changes to civil servant status, and extended birth leave. We also provide a list of training courses offered by GT and our areas of concentration in Labor & Employment law in the Netherlands.

Click here to read the full GT Alert.

New CJEU Decision on Use of Cookies

Posted in Court of Justice of the European Union (CJEU), data protection, GT Alert, intellectual property, privacy

On October 1, 2019 the Court of Justice of the European Union (CJEU) issued a new judgment on the use of cookies which, under the EU E-Privacy Directive, requires users’ informed consent. The court decided that

  • the cookies consent cannot be obtained by using a pre-ticked consent checkbox; and
  • information must be provided to users which includes the duration of the operation of cookies and whether third parties may have access to the cookies.

To read the full GT Alert, “New CJEU Decision on Use of Cookies,” click here.

LexBlog